Vitamine C: wat doen we ermee?

Vitamine C: wat doen we ermee?
Alan Jenks25 April 20120Voeding

Het is de allerbekendste vitamine, en de eerste die iedereen noemt als het om je gezondheid en je weerstand gaat – maar wat weten we eigenlijk precies van vitamine C? Als voedingsstof en antioxidant is vitamine C in elk geval een essentieel element van ons dieet.

Als er in ons lichaam meer vrije radicalen dan antioxidanten aanwezig zijn, is er sprake van oxidatieve stress. Die vorm van stress kan onder meer leiden tot een hoge bloeddruk, hart- en vaatziektes, chronische ontstekingsziektes (zoals reumatoïde artritis en de ziekte van Crohn) en diabetes. Vitamine C kan helpen om het lichaam tegen oxidatieve stress te beschermen door voor extra antioxidanten te zorgen.

Veel diersoorten kunnen zelf vitamine C (ascorbinezuur) aanmaken; mensen kunnen dat niet meer, mogelijk veroorzaakt door de snelle evolutie die de mens heeft doorgemaakt. We moeten er dus aankomen door fruit, groente en (in mindere mate) vlees te eten. Omdat we slechts een beperkte hoeveelheid vitamine C kunnen opslaan, moeten we deze stof regelmatig tot ons nemen. Doen we dat niet, dan kunnen er allerlei aan vitamine C-tekorten gerelateerde ziektes optreden. Scheurbuik, een ziekte die indertijd vooral voorkwam onder zeelieden die maanden van huis waren, was daar altijd het bekendste voorbeeld van. Omdat ons dieet zo veel fruit en groente bevat, komt scheurbuik in de moderne westerse samenleving niet meer voor.

Als dat het geval is, waarom moeten we dan toch nog vitamine C tot ons nemen? Omdat er nog meer chronische ziektebeelden zijn die aan een te lage inname van vitamine C toegeschreven kunnen worden, zoals kanker, hartkwalen en grijze staar (cataract). Eén onderzoek laat zien dat een dagelijkse inname van 90 tot 100 mg het lichaam tegen deze kwalen zou kunnen beschermen. Dat is een minimaal twee keer zo hoge dosis als de tegen scheurbuik voorgeschreven 45mg.

Vitamine C komt in hoge concentraties in immuuncellen voor, en bij infecties wordt de stof bijzonder snel opgenomen. Het is ook een natuurlijke vorm van antihistamine: vitamine C voorkomt het vrijkomen van histamine in het lichaam en helpt reeds in het lichaam aanwezige antihistamine te ontgiften. Dit is vooral van belang bij allergieklachten en astma. Een inname van 2g vitamine C per dag zou het histamineniveau in het bloed aanmerkelijk verlagen, zo heeft onderzoek laten zien.

De National American Dietary Reference Intake adviseert een dagelijkse inname van 90mg tot 1g vitamine C per dag . De meest effectieve methode om voldoende van deze essentiële stof binnen te krijgen is door gezond te eten. De meeste vruchten – met name citrusvruchten – en groentesoorten bevatten hoge doses vitamine C, en ook in lever komt het in voldoende mate voor. Bij een goed uitgebalanceerd voedingspatroon hoeven gezonde volwassenen geen extra vitamine C in te nemen. Een supplementaire inname is wel aan te bevelen voor zwangere vrouwen, rokers en mensen met stressklachten.